Programma

Michael Dudok de Wit over het maken van The Red Turtle: ‘Ik ben extreem gevoelig voor geuren en geluiden’

Gepost op 5 jul 2016 om 13:38 door Inez de Coo

Men neme: één Oscar-winnende regisseur van de korte film Father and Daughter (2000). Voeg toe: een illustere Japanse studio, Ghibli, bekend van films als Spirited Away (2001) en Ponyo (2008). Maak het geheel af met de kundige invloed van Isao Takahata, Oscar-genomineerde regisseur van The Tale of the Princess Kaguya (2013). Het resultaat blijkt een match made in heaven: de animatiefilm The Red Turtle, won op het filmfestival van Cannes, slechts twee maanden geleden, de Prix spécial du certain regard. De wonderschone film met een filosofische inslag waarin het leven en de dood onder de loep worden genomen, is vanaf 7 juli te bezichtigen in de Nederlandse bioscopen. Het verhaal over een man die aanspoelt en probeert te overleven op een onbewoond eiland, is bekend gebied, toch is de uitwerking uniek.

De dialoogloze film vermijdt de visuele clichés van witte stranden en palmbomen en laat het tropische eiland, vaak in grijstinten, zien als een wrede aanwezigheid waar alle dieren, hoe schattig ook, zomaar dood kunnen gaan. De ontmoeting met een grote rode schildpad verandert het leven van de eenzame man op een manier die we hier niet uit de doeken willen doen. De film brengt spanning en ontroering te weeg, en dat is onder andere het gevolg van zeer realistisch gebruik van geluid. Zo wordt de man in een bamboebos opgeschrikt door een onheilspellend gegrom dat een aankomende regenbui blijkt te zijn. Ook zitten er meerdere scenes in de film waarbij krabbetjes en spinnetjes over de handen en benen van de man kruipen. Als toeschouwer is de plaatsvervangende jeuk onvermijdelijk. Het laat je de gestyleerde tekenstijl als de werkelijkheid ervaren en zorgt ervoor dat je met alle karakters meeleeft.

We kregen de kans om Michael Dudok de Wit, de Nederlandse regisseur, schrijver en hoofd-animator van de film, te interviewen.

De film draait niet alleen om de beelden, de film prikkelt ook het gehoor en de tastzin. Hoe heeft u dat gedaan?
“De film is heel zintuiglijk en ook heel sensueel. Dat geldt bijvoorbeeld voor een paar scènes waarin we de blik van de kijker richten op de hand van de hoofdpersoon. Dit kunnen we voelen. Zo ben ik ook en zo zijn we allemaal. Dat wilde ik graag uitdrukken in de film. Ik ben extreem gevoelig voor geuren, geluiden en wat ik zie.”

Heeft dit sensuele misschien iets te maken met dat de animatiefilm door zijn oorsprong als tekening een tastbare aanwezigheid heeft?
“Ik weet niet of het aan animatie ligt. Maar er is wel iets van compensatie. Er zijn dingen die makkelijk gefilmd kunnen worden, maar die je niet in animatie kunt doen. Bijvoorbeeld de honderd kleine en subtiele boodschapjes die we hebben in ons gezicht. Als je naar een film kijkt, kijk je gelijk naar de gezichten. Met life action kun je hier echt van profiteren, door een grote close up. Een gezicht hoeft niks te zeggen maar je leest er al heel veel in. Als animator kunnen we dat veel minder want het is gewoon te complex. Er zijn te veel kleine details en heel veel ervan is onbewust, wij weten niet precies wat we doen. Ik vind dat je dit mist met animatie, maar dat compenseer je door veel expressie te geven aan het lichaam.”

Fusion x64 TIFF File

U heeft de film gedeeltelijk gebaseerd heeft op uw reis naar de Seychellen. Zijn er specifieke momenten die u terug heeft kunnen brengen in de film?
“In de film komt een duizendpoot voor die ik fascinerend vond. Ik was met een gids ter plaatse en ik vroeg of we samen in het bos konden lopen en of hij me alles kon laten zien wat hij wist. Toen de duizendpoot recht voor me op de grond liep, vroeg ik hem of hij giftig was. De gids zei dat het een vredig dier is en dat ze alleen bladeren eten. Ik vond het zo mooi en zo expressief dat ik hem meteen heb gefilmd en heb gebruikt in de film. Er was ook een grote spin, die heel onschuldig is maar die heel sterke webben maakt, alsof het van nylon is. De spin vond ik prachtig, want hij is eng maar niet te eng. Hij is toch vrij elegant. Die heb ik heel duidelijk op één plek in de film gebruikt. Wat betreft geluiden, er was een tropisch duifje dat ik elke dag hoorde. Dus dat werd een enorm sfeervolle aanwezigheid. Die is ook gebruikt in de film, maar niet zoveel als die vogel in de werkelijkheid te horen was want dan zou het irritant zijn geweest. Het bamboebos uit de film heb ik niet in de Seychellen gezien, maar wel in Japan en in Frankrijk. Die 25 meter hoge bamboe planten waren wonderschoon. De graniet rotsen in de Seychellen waren ook inspirerend, die hebben namelijk, om weer terug te komen op het sensuele, ronde zachte vormen. Niet van die scherpe rotsen. Je ziet ze af en toe in de film.”

En zeeschildpadden, heeft u die ook gezien?
“Ik verwachtte het niet want ze zijn toch vrij zeldzaam. Toevallig kwam ik er eentje tegen op het strand die net klaar was met eieren leggen. Het was een heel mooi moment. Ik dacht echt dat ze het niet zou overleven want ze maakte hele langzame bewegingen waar weinig energie in zat toen ze het zand weer terug schoof op de eieren. En ik dacht, zij moet straks tien meter terug naar het water en daar heeft ze vast te weinig kracht voor. Op een gegeven moment draaide ze zich ineens om en liep ze rap terug naar de oceaan. Daarnaast heb ik met een zeeschildpad gezwommen. Dit heb ik gevraagd aan een gids, een visser met een boot die om het eiland voer en hij heeft er vrij makkelijk een voor me gevonden. Hij kende ze heel goed. Ik was onder water met de schildpad en ze keek heel intens naar mij. Ik wilde haar van de zijkant bestuderen, maar zodra ik opzij zwom draaide zij zich om. Ze bleef maar naar me kijken. Dat komt ook weer terug in de film.”

the_red_turtle_51000107_st_1_s-high

Er wordt in de film op verschillende manieren omgegaan met naaktheid. Waarom?
“Eens, toen ik aan het vergaderen was met de Japanse producenten, vroegen er twee waarom de hoofdpersonen op het eiland gekleed zijn. Eerlijk gezegd zou ik in die situatie op een onbewoond eiland ook vaak naakt zijn, zeker als ik in de zee zwem. Ik wilde bij deze film vrij kuis zijn, want ik vind de suggestie en het niet tonen van naaktheid veel interessanter. Ik wilde de ontmoeting tussen man en vrouw veel voorzichtiger en gevoeliger vertellen. Een ander probleem is dat het gewoon moeilijk is om naakte lichamen te tekenen en te animeren. Daarnaast kan het ook veel sneller mislukken. Het wordt al snel belachelijk of smakeloos. Uiteindelijk zijn er wel een paar momenten van naaktheid in de film, maar die zijn vrij subtiel geïntroduceerd. Niet zozeer sexy, maar het gaat meer over mensen die door en door op hun gemak zijn met hun lichaam.”

Heeft het gebrek aan dialoog nog tot problemen geleid?
“Ja, dit was een conflict, want eigenlijk had de film eerst wel dialoog. De man alleen spreekt duidelijk niet met zichzelf, dus daar was stilte vanzelfsprekend, maar wanneer andere mensen worden geïntroduceerd had ik wel zeer korte zinnen in de film geschreven. Om ze menselijker te maken en bepaalde dingen uit te leggen. Na de eerste ruwe versie van de film, de animatic, was men behoorlijk verbaasd toen de karakters ineens gingen spreken. En dat was niet de bedoeling want je viel ineens uit het verhaal. Hier heb ik aan gesleuteld met co-scenarist Pascale Ferran. Uiteindelijk was het beter om toch al het gesproken woord eruit te halen.”

the_red_turtle_51000107_st_6_s-high

De film heeft een sterk bitterzoete toon. Het is op bepaalde momenten heel lieflijk maar op andere moment heel wreed. In hoeverre was dit uw intentie?
“Dat was heel erg mijn intentie, want ik heb een probleem met te sentimentele films. En dan vooral films met blauwe eekhoorntjes en roze konijntjes, dat hele schattige. Dat heb ik wel gebruikt in de film, maar in kleine dosering. Een krabbetje is schattig, maar het loopt als een spin en het is daarom een beetje eng. En dat vind ik interessant. Als mens hebben we veel eerbied voor schildpadden, we vinden ze vredige dieren die niemand kwaad doen. Maar het is een hard reptiel met een snavel en felle ogen. Ze kunnen het vriendelijke en enge beide hebben. Ik vind Totoro (de bosgeest uit My Neighbour Totoro van 1988) bijvoorbeeld interessant. We houden allemaal van Totoro maar hij is ook een beetje eng en een beetje vreemd.”

Een bepaalde wreedheid komt zeker terug in de schattige karakters, zoals bij de krabbetjes die een babyschildpadje opeten.
“En dat is heel belangrijk. De film vertelt wat over de dood. Een verhaal van iemand die alleen op een tropisch eiland is heeft maar een paar mogelijke uitkomsten, dus ik wilde graag de spanning er in houden tot het einde. De karakters in onze film zijn niet van die cartoon diertjes die nooit doodgaan. Zelfs de hoofdpersoon zou zomaar kunnen overlijden. Dat is de werkelijkheid. En, dit zeg ik niet op een lichte manier, ik vind de dood heel mooi. We willen niet doodgaan, maar op een stille manier hebben we er ook veel respect voor. Zeker voor een mens of een dier dat al een mooi leven heeft gehad en dat er als het ware klaar voor is. De dood is voor mij een zuiver symbool, voor het feit dat altijd komt en gaat, en alles verandert.”

Waarom bent u zo gefascineerd door een man alleen op een eiland, waar staat dit archetype voor?
“De zelfkennis. Niet zozeer hoe je moet overleven in de natuur, want we overleven nu sowieso. Maar wat het idee is dat je hebt van je zelf. Toen ik jong was dacht ik dat iedereen zichzelf altijd goed kende, dat was natuurlijk niet zo. Als we op een onbewoond eiland zouden zitten, zonder de sociale druk en zonder de sociale spiegeling, dan zouden we gewoon veel eerlijker en eenvoudiger kunnen zijn, ten minste, als we de eenzaamheid kunnen verdragen. Iedereen heeft een ingewikkelde plaats in de maatschappij waarin hij of zij leeft, en daardoor ook ingewikkelde gedachten. Op een onbewoond eiland kan je nog authentiek zijn.”

Er valt als het ware een masker af?
“Ja, precies. Het komt neer op het elementaire. Of je arm bent of rijk, intellectueel of niet, het maakt niets uit, je heb een lichaam dat dood kan gaan en je wil overleven.”

———————————————————

Van donderdag 14 t/m woensdag 20 juli ga je met je We Are Public-pas naar The Red Turtle bij EYE.

 

 

 

Deze website maakt gebruik van cookies om je gebruikerservaring te optimaliseren. Door cookies te accepteren help je ons om We Are Public verder te verbeteren. Meer informatie over ons cookie- en privacy beleid vind je hier.